Bestuursmodellen voor een stichting
Over het algemeen zijn er vier modellen waarop een stichting kan worden bestuurd. Het standaard bestuursmodel, het AB/DB (algemeen bestuur / dagelijks bestuur) model, het directiemodel en het raad van commissarissen/toezichtmodel. De wet maakt geen onderscheid tussen de verschillende modellen en kent alleen de term ‘het bestuur’. Het bestuur is eindverantwoordelijke voor de gang van zaken. Per model wordt dan ook aangegeven wat het wettelijk bestuur is, ook al wordt dit soms anders genoemd.
De wet vereist van een stichting dat het een bestuur heeft. In het standaardmodel is dit het eenvoudigst ingevuld. Een groep mensen (minimaal 2) vormt het bestuur van de stichting en is verantwoordelijk voor het bepalen en het uitvoeren van het beleid. Het bestuur is hier ook het wettelijk bestuur.
Bij het AB/DB model heeft het dagelijks bestuur de leiding over de dagelijkse gang van zaken en de uitvoering van het beleid. Het algemeen bestuur staat meer op afstand en bepaalt het beleid van de stichting. Het algemeen bestuur bepaalt als het ware de kaders waarbinnen het dagelijks bestuur mag handelen. Over het algemeen worden één of meerdere personen uit het AB aangewezen als DB. Het is raadzaam om de taken en bevoegdheden van beide bestuursorganen vast te leggen in de statuten. In dit model vormen AB en DB samen het wettelijk bestuur.
Het kan ook zijn dat de dagelijkse gang van zaken in handen is van een directeur/directie en het beleid wordt vastgesteld door het algemeen bestuur. We spreken dan van het directiemodel. De directie wordt benoemd door het AB en is in dienst van de stichting. De directie vormt in dit model het DB en is geen onderdeel van het bestuur zoals in de wet bedoeld. Wel is het mogelijk om via een doorlopende volmacht verregaande bevoegdheden aan de directie te geven. De taken en bevoegdheden van de directie kunnen verder worden vastgelegd in de statuten of in een directie-reglement. Er kunnen ook taken van het AB worden gedelegeerd aan de directie, het AB blijft echter te allen tijde aansprakelijk.
Het laatste model is het commissarissenmodel. In dit model vormt de directie het dagelijks bestuur en tegelijkertijd het bestuur zoals bedoeld in de wet. De raad van commissarissen (ook wel raad van toezicht genoemd) houdt toezicht op het beleid van de directie en de dagelijkse gang van zaken. De precieze bevoegdheden van de raad van commissarissen worden vastgelegd in de statuten. Over het algemeen hebben ze de bevoegdheid om leden van de directie te benoemen en te ontslaan. Daarnaast moeten beleidsplannen, jaarverslagen en jaarrekeningen goedgekeurd worden door de raad van commissarissen. Andere onderwerpen van toezicht kunnen zijn het beheersen van risico’s en de relatie met belanghebbenden. Verder kan de raad gevraagd en ongevraagd advies geven aan de directie.
Dit zijn de meest voorkomende bestuursmodellen. In de praktijk zijn hier variaties op mogelijk. Wat altijd in gedachten moet worden gehouden is dat er maar één orgaan door de wet wordt aangemerkt als ‘bestuur’ en dat dit orgaan te allen tijde verantwoordelijk en aansprakelijk is voor het beleid en de dagelijkse gang van zaken binnen de stichting.
Meer informatie over onze concrete diensten vind je in de folder Het bestuur
